PKN
Protestantse Gemeente Witmarsum
 
Begraafplaats Witmarsum Begraafplaats Witmarsum

Beheer Begraafplaatsen:
Witmarsum
Theunis Brinksma, tel. 0517-531742
Zurich
Johan Osinga, tel. 0517-579767
Kerkstraat 17, Zurich

Administratie:
Geke Reitsma, tel. 0517-579343
Bootland 7, Pingjum
Pingjum
Rein Brandsma, tel. 0517-579599
Mulierlaan 4, Pingjum
A. Postma, tel. 579306
Pibemalaan 29, Pingjum


Regelement begraafplaats Witmarsum.

Beheer begraafplaats:
Th. Brinksma, 0517531742

HOOFDSTUK 1  -  ALGEMENE BEPALINGEN

 
Artikel 1
Begripsomschrijvingen
 
1. Dit reglement verstaat onder:
 
administrateur:
degene die door het college van kerkrentmeesters is
aangewe­zen voor het  verzorgen van de administratie van
de begraafplaats.
 
asbus: een bus ter berging van de as van een overledene.
 
beheerder:
degene die door het college van kerkrentmeesters belast is
met de dagelijkse  leiding van de begraafplaats of degene
die hem vervangt.
 
eigen (particulier) graf of ook wel familiegraf genoemd:
      een graf  waarvoor aan een natuurlijk of rechtspersoon het  uitsluitend recht is verleend tot:
-     het doen begraven en begraven houden van lijken;
-     het doen bijzetten en bijgezet houden van asbussen
      met of zonder urnen;
-     het doen verstrooien van as.
 
eigen (particulier) urnengraf:
-     een graf waarvoor aan een natuurlijk of rechtspersoon
      het uitsluitend recht is verleend tot:
-     het doen bijzetten en bijgezet houden van asbussen
      met of zonder urnen;
-     het doen verstrooien van as.
 
gedenkteken: voorwerp op het graf voor het aanbrengen van opschriften of figuren
 
grafbedekking: gedenkteken
 
grafrust(termijn):
periode waarin een lijk niet opgegraven mag worden, behoudens toestemming van de bevoegde autoriteit.
 
particulier graf (eigen of familiegraf):                      
een graf waarvoor aan een natuurlijk of rechtspersoon het
uitsluitend recht is verleend tot:
            -     het doen begraven en begraven houden van lijken;
            -     het doen bijzetten en bijgezet houden van asbussen met of zonder urnen;
            -     het doen verstrooien van as.
 
rechthebbende:
degene die een uitsluitend recht op een particulier graf
heeft.
 
uitgiftetermijn (graftermijn):
de termijn gedurende welke men het recht heeft een lijk te
doen begraven en begraven te houden.
     
uitsluitend recht (of grafrecht) :
het recht om gedurende een (on)bepaalde periode
één of meer lijken in het graf te doen begraven of
begraven te houden.
     
urn:    
een voorwerp ter berging van één of meer asbussen.
onder "eigen graf" (= particulier graf) mede verstaan: eigen urnengraf.
 
Artikel 2
 
Beheer
Het beheer van de kerkelijke begraafplaats berust bij de Protestantse gemeen­te te Witmarsum vertegenwoordigd door het college van kerkrentmeesters.
Het college van kerkrentmeesters wijst een beheerder aan die de dagelijkse leiding over de begraafplaats heeft.
 
 
Artikel 3
 
Administratie
De administratie van de begraafplaats wordt gevoerd door de kerkrentmeesters of door een door het college van kerkrentmeesters aangewezen administrateur.
Bij de registratie van persoonsgegevens worden de vereisten van de Wet Bescherming Persoonsgegevens in acht genomen.
 
Artikel 4
 
Register
De kerkrentmeesters of de door hen aangewezen administrateur houd(t)(en) een register bij van alle op de begraafplaats begraven lijken en bijgezette asbussen, met een nauwkeurige aanduiding van de plaats waar zij begraven of bijgezet zijn en een plattegrond van de begraafplaats. In dit register worden ook aangetekend de door het college van kerkrentmeesters reeds uitgege­ven, maar nog niet gebruikte particuliere graven.
Het register en de plattegrond zijn openbaar en worden in tweevoud bijge­hou­den.
 
 
HOOFDSTUK 2  -  OPENSTELLING, ORDE EN RUST OP DE BEGRAAFPLAATS
 
Artikel 5
 
Openstelling begraafplaats
1.   De begraafplaats is voor een ieder dagelijks toegankelijk. Kinderen beneden 12 jaren hebben slechts toegang, indien zij zijn ver­ge­zeld van een volwassene.
2.   Ter handhaving van de orde en rust op de begraafplaats kunnen de toe­gangen tijdelijk worden gesloten.
3.   Het is niet toegestaan honden op de begraafplaats toe te laten.
 
Artikel 6
 
Ordemaatregelen
      1.   Het is aan steenhouwers, hoveniers en andere perso­nen die werkzaamheden op de begraafplaats verrichten, verboden, anders dan met toestemming van of namens het college van kerkrentmeesters, werkzaamheden voor derden aan grafbedekkingen op de be­graaf­plaats te verrichten. Deze toestemming kan mondeling worden gege­ven.
      2.   Het is verboden zonder noodzaak over de graven te lopen, beplantingen te beschadigen of bloemen te plukken.
      3.   Bezoekers, personeel van uitvaartondernemingen en personen die werk­zaamhe­den op de begraafplaats hebben te verrichten, zijn verplicht zich in het belang van de orde, rust en netheid te houden aan de aanwijzin­gen van de beheerder.
      4.   Degenen die het in het tweede lid vermelde verbod overtreden of zich niet houden aan de in het derde lid bedoelde aanwijzingen, moeten zich op eerste aanzegging van de beheerder van de begraafplaats verwij­deren.
 
 
Artikel 7
 
      1.   Dodenherdenkingen, onthullingen van gedenktekens en dergelijke plech­tighe­den op de begraafplaats moeten vijf dagen tevoren worden gemeld aan het college van kerkrentmeesters onder opgave van datum en uur van de plechtigheid en de wijze waarop de plechtigheid zal plaats vinden.
      2.   De deelnemers aan de plechtigheid, bedoeld in het eerste lid, moeten zich in het belang van de orde, rust en netheid houden aan de aanwij­zingen van het college van kerkrentmeesters of de beheerder.
      3.   Bijeenkomsten op de begraafplaats, die het karakter van een openbare manifestatie hebben of naar het oordeel van het college van kerkrentmeesters zullen hebben, kunnen door het college van kerkrentmeesters worden verboden.
 
 
Artikel 8
 
Opgraven en ruimen

  1. Het opgraven van lijken en het ruimen van graven gebeurt door daartoe aangewezen professionele personen c.q gecertificeerde bedrijven.
  2. Andere personen is het niet geoorloofd daarbij aanwezig te zijn behoudens schriftelijke toestemming van de beheerder. De beheerder en de eigenaar van de begraafplaats zijn niet aansprakelijk voor schade, van welke aard dan ook, die mocht opkomen aan personen die ter bijwoning van het opgraven van lijken of het ruimen van graven op de begraafplaats aanwezig zijn.
 
 HOOFDSTUK 3 - VOORSCHRIFTEN VOOR LIJKBEZORGING
 
Artikel 9
 
Kennisgeving van begraven en asbezorging, openen en sluiten van het graf
1.   Degene, die wil doen begraven, as wil doen bijzetten of as wil doen verstrooien, geeft daarvan uiterlijk twee dagen voor­af­gaande aan die waarop de begraving, bijzetting of verstrooiing zal plaats vinden, schriftelijk kennis aan de beheerder. De zaterdag geldt voor de toepassing van deze bepaling niet als werkdag. Indien de burge­meester toestemming heeft gegeven om het lijk binnen 36 uur na het overlijden te begraven moet de kennisgeving aan de beheerder zo tijdig mogelijk worden gedaan.
2.   Op de kist of op het omhulsel van het lijk wordt een registratienummer aangebracht, dat correspondeert met het nummer, vermeld op een bijgevoegd document dat tevens de namen, de datum van geboorte en overlijden van de overledene dan wel de geslachtsnaam van de doodgeborene bevat, nadat is vastgesteld dat het document betrekking heeft op het lijk.
3.   Tot begraving wordt niet overgegaan dan nadat de
       beheerder van de begraafplaats heeft
      vastgesteld dat het op de kist of het omhulsel vermelde
      registratienummer overeenkomt met
      het nummer vermeld op het document als genoemd in
      lid 2.
4.   Het openen van een graf ter begraving of voor het bezorgen van as, en het daarna sluiten van een graf, alsmede het bedienen van de hulpmidde­len mag uitsluitend geschieden door de medewerkers van de begraafplaats dan wel door degenen die met deze werkzaamheden zijn belast, op aanwij­zingen en onder toezicht van de beheerder.
 
Artikel 10
 
Over te leggen stukken
1.   Begraving mag slechts geschieden indien van tevoren het verlof tot begraven of de bezorging van as is overgelegd aan de beheerder.
2.   Indien de begraving of de bezorging van as in een particulier graf zal plaats ­vinden, dient een machtiging daartoe aan de beheerder te worden overgelegd ondertekend door de rechthebbende of, indien deze is overle­den, door degene die in de uitvaart voorziet.
3.   Begraving of bijzetting in een particulier graf waarvan de uitgiftetermijn binnen de wettelijke minimum grafrusttermijn afloopt, kan alleen plaats vinden onder gelijktijdige verlenging van de uitgiftetermijn met een zodanige periode dat de alsdan resterende uitgiftetermijn ten minste gelijk is aan de wettelijke minimum grafrusttermijn van 10 jaren. De verlenging dient te worden aangevraagd door de rechthebbende of, indien deze is overleden, door een van de andere personen, genoemd in artikel 15, tweede lid.
4.   Een bewijs van betaling van de grafrechten voor de eerste periode dat het graf resp. urnengraf uitgegeven is.
5.   De beheerder onderzoekt of de overgelegde stukken volledig en juist zijn.
 
Artikel 11
 
Tijden van begraven en asbezorging
1.   Op zondagen, christelijke of algemeen erkende feestdagen, wordt geen gelegenheid gegeven tot begraven en bezorgen van as, tenzij de burge­mees­ter een van de normale termijn afwijkende termijn voor begraving of crematie heeft gesteld of het college van kerkrentmeesters hiervoor toe­stem­ming heeft verleend.
2.   Op de overige dagen zijn de tijden van begraven en het bezorgen van as:
      -     op werkdagen en zaterdagen  van 09.00 tot 16.00 uur
      Kerkrentmeesters kunnen in bijzondere gevallen van deze tijden afwijken.
 
                                                                         
HOOFDSTUK 4 - DE GRAVEN EN GRAFRECHTEN
 
Artikel 12
 
Soorten graven en termijnen
1.   Op de begraafplaats kunnen worden onderscheiden:
      particuliere graven en particuliere urnengraven
     
Artikel 13
 
Particulier graf
1.   Een uitsluitend recht op een graf kan alleen schriftelijk worden geves­tigd. Door het college van kerkrentmeesters wordt een akte van grafuitgifte opgemaakt.
2.   Het college van kerkrentmeesters bepaalt bij nader vast te stellen regels hoeveel lijken en hoeveel asbussen met of zonder urnen er kunnen worden bijgezet in de particuliere graven en hoeveel verstrooiingen van as er op of in de particuliere graven kunnen plaatshebben.
3.   Het college bepaalt tevens de afmetingen en de uitgifteduur van de particuliere graven. Voor particuliere geldt een ter­mijn van 20 jaren.
4.   In de akte van grafuitgifte wordt vermeld welk graf is uitgegeven tegen welke prijs en voor welke termijn.
5.   De rechthebbende op het graf ontvangt een getekend exemplaar van de akte van grafuitgifte.
 
 
Artikel 14
 
Verstrijking en verlenging termijn particulier graf
1.   De rechthebbende van een particulier graf waarop een uitsluitend recht is gevestigd voor bepaalde tijd kan verzoeken deze termijn te verlengen. Het uitsluitend recht op een graf wordt op verzoek van rechthebbende na verstrijking van de uitgiftetermijn verlengd, mits het verzoek gedaan is binnen twee jaren voor het verstrijken van de termijn. De verlen­ging geschiedt telkens voor 10 jaren.
2.   Het college van kerkrentmeesters doet binnen een jaar na de aanvang van de termijn waarin verlenging van het recht kan worden verzocht, aan de rechthebbende wiens adres hem bekend is, schrifte­lijk mededeling van het verstrijken van de termijnen van het bepaalde in lid 1.
3.   Indien niet binnen drie maanden na verzending van de mededeling, bedoeld in lid 2, om verlenging van het recht is verzocht, maakt het college van kerkrentmeesters de mededeling bekend bij het graf en bij de ingang van de begraafplaats. De aankondiging blijft beschikbaar tot het einde van de periode waarvoor het recht op een particulier graf was gevestigd.
 
 
Artikel 15
 
Overschrijving van verleende rechten
  1. Het uitsluitend recht op een graf kan op schriftelijk verzoek van de rechthebbende worden overgeschreven ten name van de echtgenoot of le­vens­partner dan wel een bloedverwant tot en met de derde graad. Over­schrijving op verzoek van de rechthebbende ten name van anderen dan de hiervoor genoemden, is slechts moge­lijk, indien daarvoor gewichtige redenen bestaan.
 
2.   Na het overlijden van de rechthebbende kan het recht worden overge­schr­even op naam van de echtgenoot of levenspartner dan wel een bloed- of aanver­want tot en met de derde graad, mits het verzoek hiertoe schrif­telijk wordt gedaan binnen een jaar na het overlijden van de rechtheb­bende. Overschrijving ten name van anderen, is slechts mogelijk indien daarvoor gewichtige redenen bestaan.
3.   Indien binnen de in lid 2 gestelde termijn geen verzoek tot overschrij­ving is gedaan, kan het college van kerkrentmeesters het recht vervallen verklaren.
 
 
Artikel 16
 
1.   Van iedere overboeking van het recht op een graf wordt aantekening gehouden in het in artikel 4 genoemde register.
2.   De rechthebbende krijgt een bewijs van overboeking.
 
 
Artikel 17
 
Grafkelder
Het is niet mogelijk om een grafkelder te plaatsen.
 
Artikel 18
 
Afstand doen van graven
Zonder aanspraak te kunnen maken op enige vergoeding, kan de rechthebbende schriftelijk afstand doen van zijn recht met gelijktijdige inlevering van het grafbewijs ten behoeve van het college van kerkrentmeesters. Van de ontvangst van zodanige verklaring zenden kerkrentmeesters een schriftelijke bevestiging aan de rechthebbende.
 
                              
 
HOOFDSTUK 5 - GRAFBEDEKKINGEN
 
Artikel 19
 
Toestemming grafbedekking
1.   Voor het hebben van een grafbedekking is schriftelijke toestemming nodig van het college van kerkrentmeesters.
2.   Het college van kerkrentmeesters stelt de volgende regels vast omtrent de aard en de afmetingen van de grafbedekking en de wijze van aanbrengen:
  • Grafzerken en monumenten mogen niet hoger zijn dan 1,25 meter boven het maaiveld. Deze mogen niet eerder dan 9 maanden na de begraving worden geplaatst.
  • Het is niet toegestaan een liggende plaat te plaatsen.
3.   Het college van kerkrentmeesters kan de toestemming weigeren of intrekken indien:
      a.   niet voldaan wordt aan de eventueel door hen vastgestelde nadere regels als bedoeld in lid 2;
      b.   de grafbedekking afbreuk doet aan het aanzien van de begraafplaats;
      c.   de duurzaamheid van de materialen onvoldoende is;
      d.   de constructie van de grafbedekking ondeugdelijk is.
4.   Toestemming voor het hebben van een grafbedekking voor particuliere graven moet worden aange­vraagd door en wordt gesteld op naam van de rechthebbende op de graf­ruimte. Bij overschrijving van dat recht wordt de als dan ingeschreven rechthebbende beschouwd als de houder van de toestemming.
     
Artikel 20
 
Grafbeplanting
 
Het is niet toegstaan om blijvende beplanting op het graf te plaatsen.
Niet-blijvende beplantingen op een graf die in een verwaarloosde staat verkeren kunnen door degene die belast is met de dagelijkse leiding op de begraafplaats worden verwijderd zonder dat aanspraak kan worden gemaakt op schadevergoeding. Losse bloemen, planten, kransen en dergelijke kunnen, wanneer zij verwelkt zijn worden verwijderd. Linten, siervazen en dergelijke voorwerpen worden gedurende drie weken te beschikking gehouden van de recht hebbende indien deze daartoe tevoren een mondeling of schriftelijk verzoek heeft gedaan bij de beheerder.
 
Artikel 21
 
Verwijdering grafbedekking
 
1.   De grafbedekking kan na het verstrijken van de graftermijn door het college
      van kerkrentmeesters worden verwijderd.
2.   Op grond van een daartoe door de rechthebbende bij het college van kerkrentmeesters  ingediend verzoek, blijft de grafbedekking na verwijdering nog gedurende drie weken ter beschikking van degene aan wie toestem­ming was verleend om de grafbedekking te plaatsen. Het verzoek daartoe kan worden ingediend gedurende een jaar voordat de grafbedekking zal worden  verwij­derd.
3.   Het college van kerkrentmeesters  kan nimmer
      aansprakelijk worden gesteld voor schade ten  gevolge
      van het verwijderen van de grafbedekking.
4.   De grafbedekking vervalt aan de Protestantse gemeente indien:
      a.   geen verzoek op grond van lid 3 is ingediend;
  1. de grafbedekking niet binnen drie weken nadat deze van het graf is verwijderd, is afgehaald.
 
 
HOOFDSTUK 6   ONDERHOUD
 
Artikel 22
 
Onderhoud door het college van kerkrentmeesters
1.   Ten einde de kosten van aanleg, instandhouding en onderhoud van de begraafplaats en de graven, waarin door kerkrentmeesters wordt voorzien, te dekken, worden rechten geheven volgens de bij dit beheersreglement behorende tarievenlijst, die jaarlijks kan worden herzien. Het onderhoud kan niet meer worden afgekocht.
2.   Het college van kerkrentmeesters belast zich met het onderhoud van de begraaf­plaats, waaronder wordt verstaan het onderhoud aan gebouwen en paden, het maaien van het gras, het verzorgen van de algemene beplan­ting en de watergangen e.d.
3.   Het college van kerkrentmeesters belast zich tevens met het algemene onder­houd van de graven, waaronder wordt verstaan het: het opnieuw stellen na verzakking van gedenktekens, voorzover dit niet als steenhouwerswerk­zaamheden is aan te merken.
4.   Het college van kerkrentmeesters accepteert geen aansprakelijkheid voor schade, door welke oorzaak ook ontstaan aan de grafbedekking of ieder ander voorwerp dat zich op het graf bevindt.
 
Artikel 23
 
Onderhoud door de rechthebbende
1.   De rechthebbende is verplicht de grafbedekking behoorlijk te onderhou­den of te herstellen, waaronder wordt verstaan het schoo­nhouden van gedenktekens en het algemene onderhoud als bedoeld in artikel 22 lid 3, zoals steenhouwerswerk­zaamheden (herstel en vernieuwing), het kleuren en bijwerken van opschriften en  niet-blijvende grafbeplanting.
2.   Schade aan de grafbedekking als bedoeld in artikel 22 lid 4 komt voor rekening van de rechthebbende.
3.   Indien de rechthebbende nalaat de grafbedekking behoorlijk te onderhouden of te herstellen, kan het college van kerkrentmeesters met inachtneming van het gestelde in lid 4 de grafbedekking geheel of gedeeltelijk doen verwijde­ren. Het verwijderde blijft gedurende drie maanden ter beschikking van de rechthebbende en vervalt daarna, met inachtneming van het bepaalde in lid 4, aan de Protestantse gemeente, zonder dat deze tot enige vergoeding verplicht is.
4.   Tenzij sprake is van een acuut risico, zulks uitsluitend ter beoordeling van het college van kerkrentmeesters, vindt de verwijdering niet plaats dan nadat rechthebbende behoorlijk per brief is opgeroepen tot onderhoud of herstel van de grafbedekking. Als het adres van de rechthebbende niet meer bij de burgerlijke gemeente bekend is, vindt de vermelde aanmaning plaats op het mededelin­gen­bord van de begraafplaats. Bij het graf wordt een verwijzing naar deze aanmaning aange­bracht.
 
                                                                         
HOOFDSTUK 7  -  RUIMING VAN GRAVEN
 
Artikel 24
 
1.   Met inachtneming van de Wet op de lijkbezorging en overige toepasselijke regelgeving kan de beheerder van de begraafplaats graven doen rui­men, mits dit gebeurt door daartoe gekwalificeerde personen c.q. gecertificeerde bedrijven. Ruiming van een particulier graf kan niet dan met toestemming van de rechthebbende op dat graf.
2.   Het voornemen van de beheerder om een particulier graf te ruimen, gebeurt door middel van het plaatsen van een bordje bij het te ruimen graf. Plaatsing daarvan geschiedt gedurende tenminste een jaar voorafgaande aan het tijdstip waarop het graf ge­ruimd zal worden.
3.   Van het voornemen tot ruiming wordt aan rechthebbende schriftelijk mededeling gedaan bij het bij de beheerder van de begraafplaats bekend zijnde adres van rechthebbende.
4.   De rechthebbende op een particulier graf kan de beheerder schriftelijk ver­zoeken om de overblijfselen te doen verzamelen om deze weer in dezelf­de graf­ruimte te doen plaatsen dan wel om deze elders te doen herbegraven.
 
 
HOOFDSTUK 8 - IN STAND TE HOUDEN HISTORISCHE GRAVEN  EN OPVALLENDE GRAFBE­DEKKING
 
Artikel 25
 
Lijst
1.   Het college van kerkrentmeesters houdt een lijst bij van graven die van historische betekenis zijn of waarvan de grafbedekking een opvallende kwaliteit heeft.
2.   Alvorens tot ruiming van graven over te gaan, onderzoekt het college van kerkrentmeesters of er graven zijn die in aanmerking komen om op de onder 1. genoemde lijst te worden bijgeschreven.
3.   Het college van kerkrentmeesters beslist in overleg met de kerkenraad over het ruimen van graven en het verwijderen van grafbedekkingen die op de in het eerste lid bedoelde lijst staan.
 
 
 
 
HOOFDSTUK 9 - KLACHTEN
 
Artikel 26
 
1.   Rechthebbenden en andere bij de begraafplaats belanghebbende per­sonen en leden van de Protestantse gemeente kunnen omtrent feitelij­ke handelingen betreffende de begraafplaats of het nalaten daarvan bij het college van kerkrentmeesters een schriftelijke klacht indienen.
2.   Het college van kerkrentmeesters beslist binnen dertig dagen na ontvangst van de klacht. Het college kan deze termijn met ten hoogste dertig dagen verlengen.
3.   Het college van kerkrentmeesters brengt de beslissing omtrent de klacht terstond schriftelijk ter kennis van de klager.
 
 
 
HOOFDSTUK 10 - OVERGANGSBEPALINGEN EN SLOTBEPALINGEN
 
Artikel 27
 
Dit reglement treedt in werking op 1 mei 2015
 
Alsdan vervallen de voordien bestaan hebbende
voorschriften en bepalin­gen op dit gebied,
behoudens  eerbiediging van rechten, verkregen voor de
inwerkingtreding van dit reglement,
voor zover niet in strijd met de wettelijke bepalingen.
 
 
Artikel 28
 
1.   Ingeval van verschil over de toepassing van dit reglement en in alle gevallen waarin het reglement niet voorziet, beslist het college van kerkrentmeesters.
2.   Wijziging van dit reglement kan plaats vinden door het college van kerkrentmeesters.
 
 
 
Aldus vastgesteld op 29 april 2015.
 
Namens de Protestantse gemeente te Witmarsum
College van kerkrentmeesters:
 
Y. Dijkstra, voorzitter              
 
 
M. Baarda-Postma,  secretaris
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 

 

terug
 
 
 

Durf!Kunstroute
datum en tijdstip 23-06-2018 om 13.30 uur
meer details

Protestantse Gemeente "Trijeris Ien''
datum en tijdstip 24-06-2018 om 09.30 uur in De Hoekstien
Avondmaalmeer details

Protestantse Gemeente "Trijeris Ien''
datum en tijdstip 24-06-2018 om 14.30 in ''De Ontmoeting'' van Aylva State
Avondmaalmeer details

Moderamen
datum en tijdstip 28-06-2018 om 19.45 uur
meer details

 
Durf!Kunstroute

meer
 
Zomerkampen YMCA voor de jeugd
meer
 
Inspiratie Festival Terschelling
meer
 
Tsjerkepaad 2018

meer
 
Verhalen-dienst in de Koepelkerk:

meer
 
 
 
  Protestantsekerk.net is een samenwerking tussen de dienstenorganisatie van de Protestantse Kerk in Nederland en Human Content Mediaproducties B.V.